Categorie archief: Bronnen

Anti-Asphaltianen

Soms verlies ik me tijdens mijn historisch onderzoek in details en zijpaden. Dat overkwam me gister. Ik was op zoek naar de datum waarop in Overijssel zandwegen zijn verhard. Het antwoord daarop kwam ik tegen in een alleraardigst boekje uit 1843 met de titel: Een Drentsch gemeente-assesor met zijne twee neven op reis naar Amsterdam.

Je zou zeggen. Gevonden en verder met schrijven. Maar het boekje bracht mij bij de anti-asphaltianen. In hoofdstuk 3 staat het volgende stukje over de stad Zwolle.

Wanneer gij van ons logement over de brug van de Kamperpoort gaat en regts afslaat, hebt ge terstond gelegenheid , om eene  nieuwe wijze van plaveijing te bewonderen. Immers, de directie der mijnen van Löbsan heeft van af de Kamperpoort tot aan de woning des heeren baron SLOET TOT OLDHUIS een’ weg met asphalt belegd , die algemeene aanbeveling verdient, uit hoofde van de hard- en effenheid dier specieen toch zijn er te Zwolle anti-asphaltianen!

Die Sloet tot Oldhuis was ik al tegengekomen. Hij was een van de organisatoren van de Nijverheidstentoonstelling in Zwolle.van 1840, waar Albert van Raalte en zijn compagnon Carel de Moen zich  presenteerden.
490px-B.W.A.E.Sloet_tot_Oldhuis

De baron (liberaal/Thorbekiaan) zou later in de Tweede Kamer komen, maar was in 1838 in Zwolle benoemd als rechter bij de arrondissementsrechtbank aldaar.

In 1842 liet hij het huis bouwen bij de Kamperpoort, waarheen het vroege stukje geasfalteerde weg voerde, dat de Drentse neven hebben beschreven.

Sloet

 

Anti-asphaltianen googlen levert verder niets op. Ik vermoed dat het vooral de schippers waren, die hun broodwinning bedreigd zagen, die de komst van het asfalt niet echt zagen zitten.

Blijft nog een vraagje over op dit zijpad. Waar zijn de mijnen van Löbsan? Wie het weet mag het zeggen. Ik ga het niet verder uitzoeken, maar me weer bemoeien met Machiel Dierks.

 


De Moen & Co

In deel 2 van Machiel Dierks speelt Albert van Raalte een belangrijke rol. In 1840/41 begint deze dominee van de afscheiding samen met zijn zwager Carel de Moen een pottenbakkerij en een tichelarij, onder de firmanaam De Moen en Co.

feb 1841

2:3:1841

De fabrieken boden werk aan volgelingen van de dominee, die als gevolg van de afscheiding brodeloos waren geworden.

In de zomer van 1840 werd in Zwolle een nijverheidstentoonstelling gehouden

catalogus

Daar werden producten getoond, die in de pottenbakkerij waren gemaakt.

Naamloos

De Pottenbakkerij had een vroeg fabrieksmatig karakter. Een afbeelding uit het prachtige Boek der Uitvindingen, Ambachten en Fabrieken laat zien hoe zo’n pottenbakkerij er uit kan hebben gezien.

 

pottenbakkerij


Vervolgd

Albert van Raalte, de domineeszoon die in deel 1 van Machiel Dierks een soort vriendschapsband krijgt met Machiel, wordt als dominee van de afscheiding vervolgd.

In de periode 1836 tot 1839 zijn de predikanten genoodzaakt in de illegaliteit te preken in huiskamers en schuren. Er zijn verschillende incidenten, waarbij bijeenkomsten door burgemeesters en politie worden verstoord. Albert wordt beschimpt en bespot en  in November 1836 loopt het in Ommen zodanig uit de hand, dat er berichten over verschijnen in de landelijke pers.

Onderstaande tekening geeft de situatie weer, zoals de tekenaar die zag. Een woedende menigte wil de dominee te lijf. Albert is de man met de kuitbroek en het befje, het ambtsgewaad van een dominee in die tijd.
Vervolgingen-Oefening-Van-Raalte

Bij het ambtsgewaad hoorde ook een driekantige steek.

zwarte-driekante-steek-of-tricorne-museum-rotterdam

Een verslag van de gebeurtenissen kwam  in verschillende kranten, waarin de dominee een onruststoker wordt genoemd

ddd_010772249_mpeg21_p002_image


De 3 fonteinen

Ik weet nog niet zeker welke rol Albert van Raalte in deel 2 van Machiel Dierks krijgt. De geschiedenis van deze dominee van de afscheiding van 1835 is zeker interessant. Op 2 maart 1836 is de religieuze stroming een feit. Dan vindt de  oprichtingssynode plaats in het gebouw de 3 fonteinen aan de Baangracht te Amsterdam. Maar waar is die Baangracht en wat voor gebouw was het waar de vrienden vergaderden? Dat was een hele uitzoekerij.

Om te beginnen moest ik erachter komen dat de Baangracht de huidige Lijnbaansgracht is.  Daar werden in 1933 verschillende panden gesloopt.

osim00005005116

Het hoge pand links op de beide foto’s is ‘De drie fonteinen’. Het is te herkennen aan de gevelsteen in het midden.

bmab00033000088_007

Daarop zijn de drie fonteinen te zien, die de naam geven aan het pand.

osim00003004483

Sinds de 18e eeuw was hier een suikerraffinaderij gevestigd. In 1836 was dit in eigendom van Jan Daniel Brandt, zwager van Hein Scholte, één van de andere voormannen van de Afscheiding.

Een vreemde plaats voor een kerkelijke synode, maar de oprichting moest in het geheim geschieden. De dominees van de Afscheiding waren in de voorgaande jaren door de Hervormde kerk uit hun ambt gezet. Het kerkbestuur zag hen als opruiers en scheurmakers. Albert van Raalte was om die reden zelfs niet toegelaten. Ze werden jarenlang vervolgt en predikten illegaal.

Jan Daniel Brandt bleef zijn pand ter beschikking stellen van het groeiende kerkgenootschap. Hij werd daarvoor op 12 december 1836 beboet wegens ‘het houden van ongeoorloofde bijeenkomsten van meer dan 20 personen.’

algr001disp03ill81


Rotterdam in de 19de eeuw

In 1846 komt Machiel terecht in Rotterdam. Om me in te leven in die stad rond deze tijd, heb ik een paar kaarten opgezocht van de stad uit die periode.

In 1850 is Rotterdam een stad met zo’n 90.000 inwoners. Zij bewonen de dichtbevolkte driehoek tussen de Coolsingel, Goudsesingel en de Nieuwe Maas. Aan het Nieuwe Werk, de Boompjes en Haringvliet woont de elite.

p.501---HQ---RI-68-1-Stadsarchief-Rotterdam

Rotterdam in Vogelvlucht 1855; Gemeentearchief Rotterdam

De stoomvaart staat nog in zijn kinderschoenen en drie- en viermasters verzorgen de internationale vaart, ondermeer naar Amerika.

Deze internationale scheepvaart loopt echter gevaar, door verzanding van de belangrijkste verbindingen naar zee. Tussen 1827 en 1830 liet Willem I daarom het Voornse kanaal naar Hellevoetsluis graven.

In 1846 ontmoet Machiel onverwacht Albert van Raalte, die  met zijn gezin en een grote groep religieuze volgelingen op 25 september scheep gaat naar Amerika.

ddd_010979470_mpeg21_p003_image


Bergen op Zoom

Gister zijn we naar Bergen op Zoom geweest. Na een treinreis met vertraging belandden we op een terras op de grote markt

met uitzicht op de Peperbus. Altijd als ik omhoog kijk naar die typische toren zie ik dit Krabbegatse Carnavalspersonage met zijn lachende gezicht en boerenkiel

IMG_1254

Ik wilde naar het museum in het Markiezenhof om daar de maquette te bekijken uit de 18de eeuw. Co van Slot, de schutter uit Hoorn, die in mijn boek voorkomt, was in deze garnizoensstad enige tijd gelegerd.

Ook is er wat informatie over het verbouwen van meekrap. Het lukt Machiel, de hoofdpersoon in mijn boek, om in de meekrap te werken. Dit werk is een zwaar en precies werk. Een meekrapdelver verdiende daardoor beter dan andere landarbeiders. Het delven van de wortels gebeurde met een schop met een blad van 30 cm.

De onderste spade is voor meekrap, de bovenste voor het steken van turf.

. IMG_1256

De wortel van de meekrap moest ongeschonden uit de grond worden gehaald

meekrapwortel

De wortel werd tot een poeder gestampt dat een rode kleurstof leverde voor de textielindustrie.

meekrap

Na het museum zijn we nog naar de oude haven gewandeld.

IMG_1260

Aan het begin van de Dubbelstraat staat dit standbeeldje met de titel “Kek Naar Oe Eige”


Het Heilig Oliesel

ce7759d18b6c0b99011ea6a515b42906b37b154c7023381b7d3290a5c5b93c5e

Hier heb ik lang naar gezocht. In mijn boek overlijdt een klein katholiek kindje. Ik liet de pastoor komen om haar het heilig oliesel toe te dienen (bedienen). Ik ging echter twijfelen, omdat het heilig oliesel ter vergeving van zonden is. En een kindje van nog geen twee? Ik heb vragen gesteld aan mensen van wie ik dacht dat ze het konden weten, maar niemand kon mij verder helpen.
Toch maar weer gegoogled en dit gevonden. Het Heilig Oliesel kan pas toegediend worden aan hen die de jaren van het verstand hebben bereikt. Wanneer dat dan is? Daarop zijn twee antwoorden:
1) Als een kind gevormd wordt: ‘Wat noemt men de jaren van verstand Als men begint onderscheid te maken tusschen goed en kwaad hetwelk gewoonlijk begint omtrent de zeven jaren’
2) Bij de Heilige communie: ‘Wat verstaat gij door de jaren van verstand Als men onderscheid kan maken tusschen de goddelijke spijs en de spijsdeslichaams hetgeen omtrent de twaalf jaren is’
Maar schrappen dat Heilig Oliesel dus.