Tagarchief: boek

1287 verdeling van het land van Breda

Na een paar dagen ertussenuit te zijn geweest, ben ik hard aan het werk aan het boek over de Mooye Keene en de Keenesluis.

Het wordt een geschiedenisboek, waarbij de waterloop centraal staat. Iedere periode wordt verlevendigd met een geromantiseerd verhaal rondom een historische gebeurtenis.

Het verhaal begint op 12 juni 1287 wanneer Jan I, hertog van Brabant, het land van Breda beleend aan  Raso van Gaveren en  Gerard van Wesemale. Raso werd heer van Breda en Gerard kreeg stad en land van Bergen op Zoom. Het veengebied bij de Barlake in het noordwesten maakte deel uit van een condominium, waar beide heren het recht hadden hun gezag uit te oefenen.

In het Nationaal Archief bevindt zich de akte van de verdeling.

Een vertaling van de Latijnse tekst door Geertrui Van Synghel staat op internet. Hieruit een klein stukje.

….. En dit gedaan zijnde zal Gerard van Wezemaal de rest van het land van Breda gelijkelijk verdelen met de heer van Liedekerke, van begin tot eind, in hoog en laag, in vochtig en droog, zonder alle ruzies en bedrog …..


Leentje

Ik kwam haar toevallig tegen. Zo stel ik mij Leentje voor in haar eerste huwelijksjaar met Machiel. Bij het zien van deze afbeelding schoot mij onmiddellijk de volgende (concept) scene uit deel 2 te binnen.

Machiel slaat zijn ogen op. Het lijkt wel of hij bewusteloos is geweest, zo diep heeft hij geslapen. Het is gedaan. Het delven is voorbij en hij hoeft niet meer. Hij voelt naast zich, maar Leentje ligt er niet. Haar plaats is niet eens meer warm. Ze moet al lang op zijn.

In de keuken ligt Arjaantje in de krib stil te sluimeren. Zie je nu wel. Niets aan de hand. Maar waar is Leen?

In het varkenshok kijkt Leentje toe hoe de zeug luidruchtig slobbert van de brij die zij het dier zojuist heeft gegeven. Ze is boos. Oh, ze begrijpt best dat het werk zwaar is, maar Machiel was zo liefdeloos geweest gisteravond. Snapt hij nou echt niet haar zorg om het kind? Zachtjes gaat de deur van het hok open. In de streep licht staat Machiel. Schuchter kijkt Leentje naar hem op. Machiel schrikt van de blik in haar ogen, waarin boosheid en verdriet vechten om voorrang.

‘Leen, wa is er?’
‘Niks’, haalt Leentje haar schouders op.
‘Leen…?’
‘Giel.’
‘Zie je nou dat er niks is met ons Arieke.’
‘Ja maar ik was zo bezorgd, Giel en je deed zo lelijk.’
‘Moe Leentje. Ik was zo moe.


De Amer

Het zijn drukke tijden. Enerzijds is er de nieuwe klus in het onderwijs. Geen mooie ervaring dit keer, maar laat ik niet uit de school klappen.

Intussen is het Kunst van Leven project af. Rest om met Bep Bernard de publicatie drukklaar te maken en dan is het wachten op een mooi boekje. En dan een expositie/presentatie van ons werk. Of dit ons voor de feestdagen lukt? Wie weet.

Hier nog maar weer een voorproefje.

amer-bij-de-prullenkast

Kreken met namen als Amer, Kleine Ton en Breede Gat kronkelen zich door het landschap. Ze verwijzen naar een ver verleden, toen de zee hier heerste.

Meedogenloos was het land ten prooi gevallen aan turf- en zoutwinning. De bodem daalde en stormvloeden kregen vrij spel. En toen verzwolg de zee het land met al zijn leven. Het leek alsof het water definitief gewonnen had.

Maar klei slibde op tot prille gorzen. Het water werd teruggedrongen in nieuwe geulen en kreken, die enkel bij vloed nog overstroomden. De gorzen raakten begroeid en  leven nam opnieuw bezit van het land. De mens besloot ze met dijken te omsluiten en voor eigen gewin te benutten.

Kaarsrechte wegen en  sloten kavelden de polder in strakke percelen van wuivend geel graan en velerlei schakeringen groen loof.

De hedendaagse wandelaar, onbewust van de tijdsdiepte van het landschap, aanschouwt het vergezicht dat reikt tot de dijk aan de einder. Een leeuwerik danst luid kwetterend hemelwaarts, eenden plonzen snaterend te water, een libelle scheert voorbij en vlinders fladderen van bloem tot bloem. Ware hij een kunstenaar hij zou zijn penseel pakken of zijn pen en dit leven vereeuwigen in zijn kunst. In zijn afbeelding zou hij het riet laten wuiven en het water kabbelen in de zomerse zon. Met zijn woorden zou hij het waterhoen beschrijven, dat broedt op zijn drijvende nest.

Hij is slechts een wandelaar die voorbijgaat. Hij bezit niet het penseel van de schilder, noch de pen van de schrijver. Maar zijn oog neemt waar en zijn hoofd en hart worden lichter wanneer hij zich deel weet van het leven om zich heen. De zorgen om alledaags gedoe en algehele rampspoed zet hij voor even opzij.

Niet om zich van het leven te vervreemden. Integendeel. Tijdens zijn wandeling zoekt hij het juiste perspectief, de precieze verhoudingen. Onderweg bekwaamt hij zich in zijn kunst. De kunst van het leven.


Machiel Dierks in de bieb

Je kan Machiel Dierks inmiddels al bij heel wat bibliotheken lenen. Is het boek bij jouw bieb nog niet voorradig, vraag het dan aan.

IMG_1091


Recensie NBD Biblion

Hoera! Binnenkort kan je Machiel Dierks opvragen in jouw bibliotheek. Gister kwam er een flinke bestelling binnen van De Nederlandse Bibliotheek Dienst. Zij kopen in voor de Nederlandse Bibliotheken. Tegelijk met de bestelling stuurden ze mij ook hun recensie toe.

IMG_1336

Machiel is de oudste van acht kinderen in een arm Fijnaarts arbeidersgezin. Omdat zijn vader liever drinkt dan werkt. gaat hij als vijftienjarige aan het werk als dagloner in de meekrapteelt van een rijke boer. Het katholieke deel van het dorp voelt zich achtergesteld bij het protestantse deel en ze stellen een petitie voor meer zeggenschap op, die naar de koning gezonden zal worden. Machiel wordt door zijn baas min of meer gedwongen te tekenen, ook al heeft hij geen idee wat er precies in staat. Het blijkt verstrekkende gevolgen te hebben. De onrust tussen de bevolkingsgroepen wordt steeds groter en als in het Zuiden de opstand uitbreekt, lijkt een oorlog onafwendbaar. Debuutroman van Anne Mieke Vermeulen ( 1957), opgegroeid in Fijnaart. Vlot geschreven historisch verhaal, verteld vanuit verschillende personages. Het taalgebruik is afwisselend Brabants en een wat ouder aandoend Nederlands, passend bij de sfeer van het boek.


Even niks

Het zijn enerverende weken geweest, de laatste twee weken. Na een succesvolle boekpresentatie in Fijnaart

CQ9ZBXiUwAE-Nu4

Foto’s Hagar Scholte

en de uitreiking van het eerste exemplaar

Anne-Mieke-Vermeulen_uitg-1024x616

Foto: J.W van Bodegom

volgde afgelopen zaterdag een geslaagde rondleiding door Leiden

Likkepot

Foto: Jacintha van Beveren

waar we een weg moesten vinden tussen de stromen belangstellenden voor de open dagen van de Universiteit

DSC_5525

Foto Jacintha van Beveren

Al direct volgden de eerste reacties.

En nu even niks.


De blauwe dood

Tijd voor een nieuw fragment. In 1832 brak de eerste cholera-epidemie uit. De gevreesde ziekte bereikte ook Leiden. Albert maakt dit van dichtbij mee. Dat veroorzaakt een ommekeer in zijn leven.
Unknown

Bij het logement ‘Het stadhuis van Amsterdam’ staat een groep mensen druk gebarend bij elkaar.
‘Wat is daar aan de hand,’ vraagt Albert zich af.
‘Laten we gaan kijken.’
‘Cholera.’
‘In de Camp.’
‘Een tweede ziekenhuis in de Lakenhal.’
‘Cholera? Hier?’
‘De epidemie heeft Leiden bereikt.’
‘Al negentien doden.’
Cholera? Verschrikt kijken de vrienden elkaar aan. Tegen de muur is een kennisgeving van de burgemeester geplakt. Dus nu ook hier! De gevreesde ziekte heeft dan toch Leiden bereikt.

IMG_1141 (1)